Ingrediënten
- 2 grote langwerpige aubergines
- 5 el olijfolie
- 1 tl oregano/marjolein/rozemarijn .
- 1 granaatappel
- 1 tl za’atar
- Maldon zeezout en zwarte peper
Voor de karnemelksaus
- 140 ml karnemelk
- 100 g Griekse yoghurt
- 1½ el olijfolie, plus extra om te besprenkelen
- 1 kleine teen knoflook, fijngewreven
- Snufje zout
Bereiding
- Oven voorverwarmen | Verwarm de oven op 200 °C.
- Aubergines voorbereiden | Snijd de aubergines in de lengte doormidden en halveer ook het steeltje (het blijft zitten voor de sier). Maak met een scherp mes drie à vier parallelle inkepingen in het vruchtvlees, maar snijd niet door de schil heen. Draai de aubergines 45 graden en snijd opnieuw in, zodat er een ruitpatroon ontstaat.
- Roosteren | Leg de auberginehelften met de snijkant naar boven op een met bakpapier beklede bakplaat. Bestrijk ze met olijfolie tot het vruchtvlees alles heeft opgenomen. Bestrooi met kruiden, citroenzest, zout en peper. Rooster de aubergines 35–40 minuten tot ze zacht en goudbruin zijn. Haal ze uit de oven en laat afkoelen.
- Granaatappel voorbereiden | Snijd de granaatappel horizontaal doormidden. Houd een helft boven een kom, snijkant naar beneden. Klop met de achterkant van een houten lepel stevig op de schil zodat de pitten eruit vallen. Verwijder velletjes en vliesjes.
- Karnemelksaus maken | Klop alle ingrediënten voor de saus door elkaar. Proef en zet koel weg tot gebruik.
- Serveren | Schep een royale hoeveelheid saus op elke halve aubergine. Laat de steeltjes intact. Bestrooi met za’atar en flink wat granaatappelpitten. Garneer met takjes citroentijm en sprenkel er nog wat olijfolie over.
Reacties
Een reactie posten