Surinaamse puntjes

Ingrediënten | 8P

  • 500 gr. tarwebloem
  • 275 ml water
  • 10 gr. zout
  • 8 gr. gedroogde gist
  • 20 gr. suiker
  • 25 gr. gesmolten roomboter
  • Griesmeel, om te bestuiven

Bereiding

  • Meng in een grote kom de bloem, zout, gist en suiker. Voeg de gesmolten boter en het water toe. Kneed het mengsel tot een soepel en luchtig deeg; ongeveer 5 minuten met een mixer of 15 minuten met de hand.
  • Dek het deeg af en laat het ongeveer een uur rijzen op een warme plek, tot het in volume is verdubbeld.
  • Druk het gerezen deeg plat en verdeel het in 8 gelijke stukken. Vorm elk stuk tot een bolletje en rol deze vervolgens uit tot een puntig broodje. Rol de broodjes door het griesmeel voor een karakteristieke korst.
  • Leg de broodjes op een met bakpapier beklede bakplaat. Gebruik de steel van een lepel om een diepe inkeping over de breedte van elk broodje te drukken.
  • Laat de broodjes opnieuw ongeveer een uur rijzen op een warme plek. Druk halverwege de rijsperiode de inkeping eventueel nogmaals in.
  • Verwarm de oven voor op 210°C. Bak de broodjes in het midden van de oven gedurende 15 minuten goudbruin en gaar. Laat ze afkoelen op een rooster.


Reacties