Dit gerecht is voor het eerst gemaakt toen de Amerikaanse soldaten in WOII in Italië gestationeerd waren en de Italiaanse chef Renato Gualandi het gerecht maakte voor Amerikaanse soldaten in ’44 in Riccione, en dat de ingrediënten van de Amerikanen kwamen. Het recept is voor het eerst in 1952 in Chicago vastgelegd. Pas in 1990 is het vastgelegd zoals we het kennen.
Traditioneel wordt dit gerecht gemaakt met wangspek, Italiaanse kaas, ei en zwarte peper, maar geen room. De combinatie van de eieren, kaas en het pastawater zorgen namelijk voor genoeg romigheid in de pasta.
Ingrediënten 4P
- 1 el olijfolie
- 1 teen knoflook geplet met de zijkant van een mes
- 150 g guanciale (wangspek) of anders pancetta (buikspek), in blokjes
- 350 g spaghetti
- 3 eieren + 1 eigeel
- 50 g Parmezaanse kaas fijngeraspt
- 50 g pecorino fijngeraspt
- zwarte peper
- verse basilicum om te serveren
- Verhit de olie met de teen knoflook op middelhoog vuur. Voeg zodra de olie heet is de spekblokjes toe. Bak ze goudbruin, maar niet te donker. Haal de knoflook uit de pan zodra deze goudbruin is en gooi weg.
- Kook intussen de spaghetti al dente in gezouten water.
- Klop de eieren los met de eidooier in een kom. Roer er de twee soorten kaas en lekker veel zwarte peper doorheen.
- Giet de pasta af (bewaar zeker 1 flinke kop van het kookvocht) en doe terug in de kookpan. Schraap de spek erbij, met bakvet en al. Roer door. Giet dan het kaas-ei mengsel erbij en roer het goed om. Voeg langzaam steeds wat kookvocht erbij om het extra smeuïg te maken. Dit kun je op héél zacht vuur doen, maar als het goed is, zit er nog genoeg restwarmte in de pan. Verhit het zeker niet te hard, want dan krijg je roerei. Maar je hebt genoeg warmte in de pan nodig om alles bij elkaar te laten binden. Blijf goed roeren tot het een smeuïge carbonara wordt.
- Serveer met een extra draai peper, eventueel verse basilicum (hoort eigenlijk niet, maar wel mooi)
Reacties
Een reactie posten