Elzasser Flammkuchen

Alsace bakkers gebruikten overgebleven deeg als proefdeeg om de temperatuur van de door houtgestookte broodoven te meten om het brood voor de volgende dag te bakken. Dun uitgerold deeg werd in het midden van de oven geplaatst en als de oven de juiste warmte had bereikt werd het deeg binnen twee minuten gaar. Als de temperatuur te hoog was vatte het vlam, waardoor het dunne deeg Flammkuchen werd genoemd.

Ingrediënten

  • 1x flammkuchen deeg (of 500 gr bloem | 300 ml lauwwarm water | 1 el olijfolie | snufje zout | 7 gr gist)
  • 100 gram crème fraîche of ricotta
  • 1 tomaat
  • 1 rode ui
  • 1 potje artisjok
  • 1 el oregano
  • gerookte spekjes
Bereiding
  • Doe de bloem in een kom. Voeg een snufje zout toe en de gist en meng door elkaar. Giet dan het water er langzaam bij en voeg de olijfolie toe. Roer alles goed door elkaar. Kneed het deeg 5 minuten.
  • Dek de kom af met folie en laat 45 minuten rijzen in de oven op 35 graden. Kneed daarna het deeg nogmaals goed door.
  • Verwarm de oven voor op 220°C.
  • Rol het deeg uit op een bakplaat.
  • Bestrijk het deeg tot 1 cm aan de rand met de crème fraîche.
  • Snijd de rode ui in ringen en de tomaat en artisjok in plakken.
  • Beleg de bodem met de ui, tomaat en artisjok. Kruid met oregano.
  • Verwarm de flammkuchen 14 minuten in het midden van de oven.

Reacties